Doormoederen

Een collega antwoordde me een aantal jaren geleden op de vraag hoe het met hem ging: ‘ Ach, je bent net zo gelukkig als je ongelukkigste kind.’

Een uitspraak waar ik de laatste paar jaar vaak aan terugdenk, want het klopt gewoon. Hoe goed ik het zelf ook heb, als een van mijn kinderen niet gelukkig is, kan ik ook niet optimaal genieten, hoezeer ik het probeer.

Meestal sta ik machteloos toe te kijken, omdat de redenen van hun verdriet niet door mij te verhelpen zijn. Het enige dat ik dan kan doen is een troostende schouder bieden. Een luisterend oor hebben.

Hoe graag zou ik weer terug willen naar hun kindertijd toen een pleister magisch werkte. Een kusje wonderen deed.

Maar nu ze zelf de leeftijd hebben van pleisters plakken en kusjes geven aan hun kleintjes, lijkt dat voor mij niet meer toereikend, sta ik met lege handen en lijkt het moederen aanmodderen te zijn geworden

In de hel

‘Kom op ga mee, man,’ hadden zijn vrienden gezegd. ‘Over zes weken ben je vader en kan je het uitgaan wel vergeten.’ En zo kwam het dat Benoit, op de avond van de dertiende november 2015, zich in de Bataclan bevond. Hij was geen echte rock-liefhebber, maar een avondje stappen met zijn vrienden zag hij wel zitten.
Ze hadden het goed naar de zin. Het bier vond gretig aftrek en de sfeer was geweldig. Totdat er iemand achter in de zaal met rotjes begon te gooien. Althans, dat is wat Benoit in eerste instantie dacht. Maar al snel drong de bizarre realiteit tot hem door: er werd geschoten!
Er brak paniek uit. Er werd geschreeuwd en geduwd. Mensen vielen bloedend neer. Benoit voelde een scherpe pijn aan zijn linkerslaap. Een kogel had hem geschampt, de vrouw achter hem werd dodelijk getroffen en ze viel bovenop hem. De terroristen liepen door de zaal en schoten op alles wat bewoog. Benoit hield zich stil en verstopte zich onder het lijk.
Het leek een eeuwigheid te duren voordat de politie een einde maakte aan het geweld en hem uit zijn benarde positie bevrijdde.  Benoit en zijn vrienden overleefden het bloedbad wonderbaarlijk.
Het leven ging verder. De wond bij zijn slaap genas, de nachtmerries werden geleidelijk minder. De geboorte van hun dochter Emily bleek een uitstekend medicijn.
In de zomer van 2016 besloten Benoit en Celine er samen met hun kleine meid een paar dagen tussenuit te gaan. Rond de nationale feestdag hadden ze een aantal dagen vrij en ze vertrokken naar het zuiden.
Ze genoten van de zon, de zee en elkaar.
Op vier juli slenterden ze na het vuurwerk terug naar hun hotel in Nice.
De Promenade des Anglais rolde zich voor hun uit.
Achter hen klonk het geronk van een vrachtwagen.

 

Geschreven voor WE 300-aanslagen

 

Internationale vrouwendag

8 Maart 1908 stonden vrouwen in New York op tegen de erbarmelijke omstandigheden in de textielindustrie, de eerste vrouwenstaking was een feit. Negen jaar later gebeurde dat in Sint-Petersburg. Sinds de jaren zestig staat deze dag in het teken van solidariteit onder vrouwen, het opkomen van de rechten van de vrouw en het zorgen voor verbeteren van de levens van meisjes en vrouwen over de hele wereld.
Er is veel bereikt in al die jaren. Maar nog lang niet genoeg. Helaas is internationale vrouwendag nog steeds nodig. Er is nog veel ongelijkheid tussen mannen en vrouwen.
Vandaag werden er allerlei activiteiten georganiseerd. Voornamelijk gericht op economische ongelijkheid.
Prima, maar veel meer zou ik de focus willen zien op onderdrukte vrouwen wereldwijd.
Want wat ben ik blij dat ik in Nederland woon. Een land waar ik vrije keuzes heb. Recht heb op educatie en werk. Gezien word als volwaardig mens. Auto mag rijden. Alleen en ongesluierd over straat mag en nog zoveel meer vrijheden geniet.
Laten we die vrijheden koesteren en verdedigen, maatschappelijke organisaties aan de kaak stellen, onze zusters overal ter wereld steunen en er samen voor zorgen dat internationale vrouwendag niet meer nodig is.
Want dat is toch het uiteindelijk doel.

 

Guilty pleasures

Guilty pleasures, je hebt er vast wel eens van gehoord. De dingen die eigenlijk niet goed voor je zijn, of te raar voor woorden en waar je het liever niet over hebt, maar ook stiekem heel erg van geniet.
De Vogeltjesdans doen bijvoorbeeld, of heel hard André Hazes meeblèren in de auto. Twee tompoucen van de HEMA naar binnenwerken, jezelf googlen of foto’s sparen van het koninklijkhuis. Niemand die dat toegeeft natuurlijk. Nou oké: het meezingen met de autoradio is best oké.
Natuurlijk heb ik ook van die gekkigheid.
In de supermarkt de bladen doorspitten en dan net doen alsof ik niet weet dat het huwelijk van Wendy en Erland niet goed gaat.
Na het eten een magnum oppeuzelen. (Of twee.)
Heerlijk onderuit op de bank onder een kleedje First dates kijken en ongezouten mijn commentaar geven op de deelnemers.
Luchtdrummen met dé solo van Phil Collins.
Maar het allerergste: blogs schrijven in de ik-vorm en je lezers in de onzekerheid laten of het nu werkelijk over jou gaat of niet.

Niet verder vertellen hè?!

 

Geschreven voor WOW-genieten

Koekoek

Mijn middelbareschooltijd ligt al een tijdje achter me. En ik overdrijf als ik er nog vaak aan terugdenk. Maar zo af en toe kom je een naam tegen en heb je zo’n ‘O-ja!’-momentje.
Vorige week viel de naam ineens: Isabel Koekoek.
Direct zat ik weer op de middelbare school, waar onze klas bekend stond als de terrorklas.
Er viel weinig eer aan ons te behalen. Dat we redelijk schadeloos de eindstreep haalden, lag eerder aan ons intelligentieniveau -waar we zwaar onder presteerden- dan onze inzet.
Opletten deden we nauwelijks, huiswerk werd amper gedaan en we waren zeer bedreven in het wegpesten van docenten. Van propjes schieten, achter de rug uitlachen tot nep-flauwvallen, we waren er goed in. Werd er iemand de klas uitgestuurd, stapten we eensgezind op. De gemiddelde docent hield het driekwartjaar uit voor hij opgaf.  We vierden onze overwinning in de kroeg op de hoek.
Op een dag maakte Mevrouw Koekoek haar opwachting. Een gemakkelijke prooi. Vers van de pabo en een paar jaar ouder dan wij.
Dapper betrad ze het slagveld. Ze schreef haar naam op het bord en natuurlijk begon er iemand een koekoek na te doen. Niet veel later zat de klas vol koekoeksjongen.
Mevrouw Koekoek reageerde niet, deed haar verhaal en aan het einde van de les liep ze kalm de deur uit.
Wat we ook deden, we konden haar niet wegkrijgen. Geen tranen, geen woede-uitbarsting, niemand werd er uitgestuurd. Kortom: de lol ging er al snel vanaf en Isabel Koekoek bleek een blijvertje.
Kortgeleden hadden we een reünie. Ook Mevrouw Koekoek was present.
Ik raakte met haar in gesprek en uitte mijn bewondering voor haar kalme optreden destijds.
‘Ach,’ reageerde ze, ‘zo moeilijk was het niet. Ik ben namelijk hartstikke doof, dus alles wat er achter mijn rug gebeurde, hoorde ik gewoon niet.’

Ter geruststelling: dit is puur fictief, geschreven voor WE-300

 

 

 

Weg ermee

Ontspullen. 

Helemaal van deze tijd, je huis en leven ontdoen van materiële zaken. Het geeft ruimte in huis en geest, zegt men. En eerlijk is eerlijk: het lucht werkelijk op wanneer je de vliering bijna leeg ziet, kastplanken niet meer uitpuilen en je boekenkast overzichtelijk is geworden. 

Een kleine vrachtwagen vol is er het afgelopen jaar naar de kringloop gegaan en ik ben nog steeds dozen aan het vullen. 

Wonder boven wonder ben ik er bovendien in geslaagd geen nieuwe rommel in huis te halen, want daar zit natuurlijk de valkuil: al die vrijgekomen ruimte weer vullen met allerlei andere spullen. 

Ik ben niet vreselijk gehecht aan mijn huisraad, maar toch zijn er dingen die ik niet graag kwijt wil. De voormalige linnenkast van mijn moeder bijvoorbeeld, die al jaren dienstdoet als spelletjeskast. De oude kist waarin het speelgoed is opgeborgen.   

En dan is daar natuurlijk Mario. Mijn trouwe Fiat 500. Tien jaar is hij alweer en Gert hint er regelmatig op dat hij maar eens ingeruild moet worden voor een jonger exemplaar. Tsss alsof ik dat zou doen! Mario is mijn grote liefde. Mijn Italiaanse vriend. Hij blijft bij me tot zijn laatste snik. En als hij eindelijk met pensioen mag, zet ik hem in de tuin met een vracht geraniums in zijn kofferbak. 

Inruilen voor een jonger exemplaar…

Breng me niet op een idee…

35

Mijn oudste kind is 35 geworden. En dat is gek, want ergens heb ik het gevoel dat ik ook nog steeds die leeftijd heb. Terwijl dat toch echt alweer 22 jaar geleden is. 

Toen ik 35 was, had ik net mijn vijfde kind gekregen, had de man een eigen bedrijf opgestart en  werd ik opgeslokt door die twee ‘aandachttrekkers’ aangevuld met het huishouden. Als iedereen maar gegeten had en in de schone kleren zat, was mijn missie geslaagd. Al het extra was mooi meegenomen. 

Heel anders dan het leven van mijn kinderen. Heen er weer getrokken tussen gezin, werk, studie en vrienden. Ik zie het aan en ben blij dat ik geen 35 meer ben… Maar toch, ergens zou ik ‘t soms weer graag willen zijn. Maar dan wel met de zelfverzekerdheid en levenservaring van nu.  Welke  beslissingen zou ik dan hebben genomen, welke kansen benut? Hoe had ik dan in het leven gestaan? Geen idee. Maar het is wat het is.

Ik leef veel dichter bij mezelf dan toen. Bewuster ook. En met meer vertrouwen. Want wat ik in al die jaren geleerd heb, is dat hoewel dingen vaak heel anders gaan dan verwacht, ik er altijd uitgekomen ben en het gemaakt heeft tot wat ik nu ben. 

Ik ben nu 57. En sta weer op een kruispunt. Het werk bij het verzorgingstehuis is afgesloten en de vraag is wat ik nu ga doen. Ik laat t maar op me afkomen en heb het vertrouwen dat er vanzelf weer iets op mijn pad komt. Iets wat past bij de Hanneke anno 2018.

Lieve 35 jarige zoon (en broer en zussen): geniet van het hier en nu, van je mooie gezin. Verwonder en leef. Wees dankbaar. En sta af en toe stil,  want deze tijd komt nooit meer.

Banksaldo

22 April is er een nieuw wurmpje in mijn hart gekropen: Roxanne. Dochtertje van San en Baksteen. (Eigenlijk had Baksteen zijn dochter beter Rock-sanne kunnen noemen, maar denk niet dat San dat goed had gevonden) Roxanne werd het dus. Kleinkind nummer acht. En al teruglezend op deze blog besef ik me dat ik jullie twee kleindochters heb verzwegen. En dat is niet omdat ik me voor ze schaam, integendeel! Het komt meer door de blogpauzes, die zeer overvloedig voorkomen.

Twee kleindochters hebben jullie gemist: Esmee, van S en B en Vesper, van Zoon en Schoon. Respectievelijk ruim anderhalf en een jaar jong.

Onlangs vierde ik mijn verjaardag en geloof me: met acht kinderen onder de vijf is dat een hele happening. Gelukkig was het mooi weer en konden ze heerlijk buitenspelen. Ook werd de -sinds vorig jaar- traditionele bankfoto genomen.

Ik besef me dat, als de aanwas zo doorgaat,  ik binnenkort een grotere bank moet kopen.

Maar ach, er zijn ergere dingen.

DD94A12D-CED6-4F28-AEE0-54CD23963D30

Logeetje

Deze week logeert Gizmo bij ons. De heerlijke puber-pup van Ka en Joppie. Hondje Charlie van Mojo is hier ook regelmatig en zo is het deze dagen nogal een beestenboel in huize B.

De pubers houden elkaar lekker bezig en dat is mooi rustig voor Rizzo, die met haar zes jaren toch al een behoorlijk knorrige dame begint te worden.

Vandaag was Charlie er niet en daar maakte Gizmo mooi gebruik van om even goed bij te tanken. Lekker knorren op de bank naast ‘oma’.

Diep in slaap was ze toen ik per ongeluk een windje liet vliegen. Klein, maar kennelijk toch hard genoeg om de kleine hond wakker te laten schrikken om verward te ontdekken waar de aanval vandaan kwam. Even later legde ze haar kopje gelukkig weer neer en snurkte verder. Eigenijk moest ik er nog eentje, maar dat wilde ik haar niet aandoen. Voor zo’n poepie heb je al gauw wat buikkramp over.

Kleinspul

Sinds afgelopen weekend ben ik weer oma.
Niet van een kleinmensje, maar van twee kleinhondjes.
Zowel Mojo als Ka heeft een hondje aangeschaft.
Twee kleine droppies zijn het. Een Shih tzu en een Boomertje.
Charlie en Gizmo.
En inderdaad hebben ze allebei wel wat van een gremlin weg. Maar dat wil Mojo niet weten, dus zeg het niet verder.
Twee kleinhondjes dus en dat betekent veel bezoek, want ze moeten natuurlijk goed aan oma wennen. Dan kan die mooi oppassen.
Gister zijn we in het kader van de socialisatie op stap geweest in ons centrum. Winkel in en uit, wennen aan auto’s, fietsers en wandelaars. Luisteren naar een Zuid Amerikaanse muziekgroep en lekker koffie drinken en taart eten. Wij dan, de pupjes niet.
Ik kan je wel vertellen, dat het niet echt opschiet met twee van die poepies. Niet alleen omdat ze nog niet echt een draaftempo hebben, maar meer omdat iedereen even aan ze wil zitten. Want o wat zijn ze schattig.
Vijf kleinhonden in totaal, waarvan er een op kamers is gegaan (Nala), eentje is overleden (Beagle) en eentje nog vol overgave leeft (Dreetje). En Rizzo laat het maar over zich heen komen. Worden de hondjes haar te dol, zoekt ze lekker een plekje op de onderste traptree. Ver weg van het geklier.
Het wordt voorlopig een paar keer per week oppassen voor oma, totdat ze oud genoeg zijn dat ze wel een paar uurtjes alleen kunnen zijn. En dat vind ik niet erg. Huis, tuin en oma’s hart zijn groot genoeg, ruimte zat voor zeven kleinkinderen (in april hopelijk acht)en een paar kleinhonden.
Lege nest?
Wat is dat??