Dag Sinterklaasje!!

6 December.
De dag dat Sinterklaas geruisloos uit ons land verdwenen is.
De buit is binnen. Daar is de uitgang!
De winkels zijn al van ieder spoor naar de goedheiligman ontdaan.
Geen pepernoot of chocopieten meer, maar konijnenbouten en luxe desserts
Sinterklaas moet plaatsmaken voor de kerstman. Die moet nu gaan zorgen voor een miljoenen omzet.
Bij sommigen staat de kerstboom zelfs al in huis.
En van mij mag het.
Voor het eerst in mijn leven heb ik geen sinterklaasfeest gevierd.
Geen intocht gekeken met een bak vol pepernoten op tafel en een lichte spanning in mijn lijf.
Geen lootje getrokken.
Geen nachten liggen malen over de te maken surprise.
Geen gedichten.
Geen cadeautjes.
Geen Heerlijk Avondje…
Niets van dit alles.
Sinterklaas reed gewoon heel stilletjes ons huisje voorbij.
En het gekke is: het deed me niets.
Sinds de oude Sint vertrokken is, kon mij de intocht al niet meer boeien. Waar was de waardige Sinterklaas gebleven, die geen ‘Hoi!’ riep, maar zacht ‘Hallo lieve kinderen!’ zei.
Weg waren Hoofd- en Wegwijspiet. Verjaagd door een onsmakelijke discussie.
En zonder de druk van (met name) het geknutsel van een surprise en (in mindere mate) het schrijven van een gedicht, verliep november eigenlijk best wel relaxt.
Na 56 jaar zijn mijn ogen eindelijk geopend:
Sinterklaas is een verklede man. En papa en mama kopen de cadeautjes.
Zo, dat is eruit.
Het enige wat me droevig stemt is, dat met het vertrek van de Sint, mijn kinderjaren nu echt en onherroepelijk voorbij zijn.
Dag Sinterklaasje!
We hebben het fijn gehad.

Advertenties

V

De V zit in de maand.
De V van vallende blaadjes, vroeg donker en vorst aan de grond.
Maar ook de V van vreten. Vreselijk. Veel. Vreten.
De tijd van kruidnoten, gevulde speculaas en amandelstaaf…
Verleidelijk lachen ze me toe en ik kan er geen weerstand aan bieden.
Uiteraard heb ik het snoepgoed alleen voor de kleinkinderen in huis.
Maar ja, je weet hoe dat gaat: is de zak eenmaal open, dan kun je de kruidnoten natuurlijk niet laten versloffen. Vernietigen die inhoud. En wel in mijn maag…
Tot zover klinkt het al onheilspellend genoeg en nu is daar nog een verleiding bijgekomen: de oliebol!
Bij de uitgang van mijn grootgrutter staat sinds kort een oliebollenkraam die de lekkerste bollen verkoopt.
Ik spreek mezelf streng toe: geen bol! Het is nog niet eens Sinterklaas geweest. Ben jij gek!
Met afgewend hoofd loop ik licht kwijlend de kraam voorbij en trots rij ik naar huis. Ik heb de Verleiding weerstaan!
Dan…
Eenmaal thuis.
Op de eettafel.
Een zak.
De onmiskenbare geur van oliebollen.
Een briefje: voor mama xxx.
Toen ik diezelfde middag ook nog een caramel-zeezout-chocoladeletter van een hulpsint ontving, wist ik het zeker: dit is een verloren maand.
Nog even en dan is de V uit de maand.
Dan is het december.
*Zucht*

SAAR

Vandaag viel de SAAR op de mat.
Een tijdschrift voor de vrouw van ‘50+ maar nog lang niet dood’ aldus de redactie
Echt iets voor mij, dacht ik, want hoewel ik de vijftig-grens al zes jaar ben gepasseerd, mijn haar steeds witter wordt, de rimpels steeds duidelijker zichtbaar en inmiddels zeven kleinkinderen de mijne kan noemen, voel ik me nog steeds geen echte Sara.
50 is het nieuwe 40, zeg maar. En dat wil ik graag geloven.
Tot ik vanmiddag de SAAR las.
Want de vrouw van 50+ zit vandaag de dag op T.inder, heeft spannende dates, een interessante 16 uur per dag job en is niet te beroerd haar p.unani open en bloot op tafel te leggen. Dat laatste figuurlijk gesproken dan.
Nee dan ik. Voor mij geen spannende dates via T.inder, want al 37 samen met mijn oerdegelijke, zeer voorspelbare verzekeringsman. Al 32 jaar in-between-jobs. Betaalde jobs dan, want werk zat. En over mijn vrouwelijkheid wil ik het helemaal niet hebben. Als er dan ook nog een artikel in staat waarin mannen uitleggen waarom ze absoluut geen relatie met een 50+ vrouw willen, krijg ik van pure ergernis een mega-opvlieger.
Dankzij SAAR voel ik me oud. Stokoud. Hoog bejaard. Uitgerangeerd. Rijp voor de sloop.
Net als het blad. Weg ermee.
Dan maar de Plus, want dankzij de reclames voor discreet incontinentiemateriaal, comfortabele sta-op-stoelen, snelwerkende gewrichtspijnencrèmes en vrolijke rollators, voel ik me weer heerlijk jong.
Of beter nog: doe mij maar de Donald Duck: 65+ en nog lang niet dood.

Moederlaag

‘Mam, wil je mijn rug even insmeren?’
Loom liggen Mojo en ik op een bedje bij het zwembad te genieten van een weekje zon.
‘Tuurlijk,’ antwoord ik en vis het zonnebrandmiddel uit de strandtas.
Ik knijp een flinke hoeveelheid uit de fles en breng het royaal aan op de rug van mijn dochter.
‘Nee hè,’ zucht die, ‘een moederlaag.’
‘Een wat?’ vraag ik verbaasd.
‘Een moederlaag. Moeders smeren je altijd zo dik in.’
‘Ja,’ antwoord ik, ‘dat is nou eenmaal wat moeders doen: beschermen.’
‘Klaar,’ ik veeg het teveel af aan mijn eigen benen en kijk tevreden naar de wit uitgeslagen rug. Daar komt voorlopig geen zonnestraal meer doorheen.
Ik val terug op mijn bedje en denk na over de moederlaag.
Eigenlijk zegt het heel veel over het moederschap.
Het liefst wil je je kinderen overal tegen beschermen.
Tegen pijn, angst, pesterijen, gebroken harten en ander verdriet. Ziektes. Dood.
Tegelijk besef je dat dat vaak helemaal niet mogelijk is.
Misschien smeren we daarom wel zo’n dikke laag zonnebrand op hun ruggen, om te beschermen wat we kunnen.
Maar misschien nog meer om onze eigen onmacht te verbergen.

Over gewicht

Te dik. Ze was veel te dik. Dat had de arts gezegd.
Als ze zo door zou gaan, zou ze het volgende jaar waarschijnlijk niet halen.
Diabetes. Hart en vaatziekten. Versleten gewrichten. Hij had het hele riedeltje een keer of vier herhaald.
Natuurlijk wist ze het. Ze had ook ogen in haar hoofd.
En nee, traplopen ging bijna niet meer. Dus bleef ze meestal beneden.
Of ze teveel snoepte? Vroeg hij.
Nee, natuurlijk niet.
Vet eten misschien?
Ja, vette vis, maar dat was toch juist goed? Of niet soms?
Ze moest meer bewegen, want dat schortte eraan.
De hele dag op de bank liggen, was natuurlijk niet goed. Dat had ze ook wel door.
Maar wat?
Sportschool? Geen optie.
Zwemmen? Had ze een hekel aan.
Wandelen?
Marion zuchtte diep.
‘Te dik, uw kat is veel te dik.’
Dat had zij weer. Een obesi-kat.
Ze sloeg haar handen voor de ogen.
En daardoor zag ze niet dat de dikke poes toch nog soepel genoeg was om via een stoel op tafel te springen om de kaas van haar brood te eten.

Mol of Molesley

Dat was een dilemma, afgelopen zaterdag.
Kijk ik ‘Wie Is De Mol’ of wordt het de aller-allerlaatste aflevering van Downton Abbey. Een dubbele ook nog eens. Even was de IQ test nog een optie, maar een aantal jaren geleden heb ik daar zo’n mooie score op gehaald, die wil ik maar niet meer naar beneden halen met een nieuwe test.
Het werd uiteindelijk de Mol. Want wees eerlijk: je kan beter van tevoren weten dat Lady Edith het huwelijksbootje in is gestapt, dan dat de eerste afvaller van WIDM al bekend is, voordat je nog maar 1 minuut hebt gezien.
De mol dus.
De eerste afleveringen zijn altijd wat onwennig. Je kent de kandidaten meestal niet. (Hoeveel onbekende bekende Nederlanders zijn er wel niet?!) De spanning zit er ook nog niet echt in. Nog geen bondjes of gestolen molboekjes. Een aanloopje dus naar negen weken genieten voor de buis. Ik vertrouw Marjolein niet, al was het alleen al dat een vrouw van mijn leeftijd er nooit zo goed uit kan zien in een kort broekje als zij. Ook Taeke doet raar. Hoezo: ‘Mensen zijn belangrijker dan geld!’ Maak dat de kat maar wijs. En dat was precies de titel van de aflevering: Wijsmaken.
Geen afvaller deze week. Gelukkig maar, kan ik de kandidaten eerst eens beter leren kennen.
Zondag keek ik dan de finale van Downton Abbey. Een kerstaflevering, en dan weet je natuurlijk al dat het allemaal zoetjes wordt en goed gaat aflopen. En dat vond ik een beetje jammer.
Wat miste ik het gekibbel tussen de zussen Crawley. De vileine opmerkingen van mr. Barrow. Zelfs de douairière was zo mak als een lammetje. En ja, lady Edith trouwde haar markies, de Batesjes zat het eindelijk ook eens mee en kregen een gezonde zoon. Mr. Molesley verruilde zijn functie als footman voor die van onderwijzer. Voor Tom Branson blonk er wat liefdeslicht aan den einder (of dat heb ik niet goed begrepen). Zelfs Daisy kwam aan de man en leek met haar nieuwe hairdo totaal niet meer op een keukenmeid. Maar het idiootste  opmerkelijkste was toch wel dat de nieuwe echtgenoot van Mrs. Crawley stervende was en ineens niet meer bleek te mankeren dan een ordinaire bloedarmoede.
Al met al een licht teleurstellend einde van een verder schitterende serie.
Toch goed gekozen voor de mol. Waar het er misschien ook wel vriendelijk aan toe gaat, maar in ieder geval niets is wat het lijkt.

Blootsvoets

Ik ben zo blij met mijn supermarkt. Onze grootgrutter denkt altijd met ons mee. Niet alleen in het aanbieden van producten. Ook voor de algehele winkelbeleving kan ik bij hem terecht.
Zo kun je de laatste tijd zonder schoenen winkelen. En dat is geweldig voor iemand zoals ik die graag op blote voeten loopt.
Bij de ingang van de winkel staat een grote tafel en daar kun je je schoeisel kwijt.
Direct merk je het al: dit is zo bevrijdend! Je aardt direct en je voelt je een met de vloer.
Voetzolen zijn ook zeer gevoelig. Goed of slechte vibes komen direct binnen. Op de versafdeling bijvoorbeeld voelt de vloer heerlijk warm en zacht aan, alsof je op een tropisch strand loopt. Kom je bij het vlees, wordt de vloer aangenaam stevig. De vloer bij de vis voelt als een kabbelende beek en bij het brood loop je door een korenveld. Afdeling koek-en-snoep is koud en scherp. Geen goede omgeving dus voor je, snel wegwezen.
Je merkt het aan je inkopen. De kar ligt alleen maar vol verantwoorde voedingsmiddelen. En zelf ben je helemaal zen.
Tot aan de kassa’s, daar is het kil.
Logisch.
Maar dat geeft niet, want niet veel later kun je toch je schoenen weer aantrekken.
Als het goed gaat.
Want laatst liep ik richting schoenentafel, was die verdwenen! De schoenen waren op een grote hoop bij de winkelwagentjes gestort.
Chagrijnig begon ik de berg te doorzoeken. Zonder resultaat. Weg sneakers. Weg zen.
Verdikkie! Op blote voeten lopen is natuurlijk heerlijk, maar niet in kou en regen.
Even kwam ik in de verleiding een willekeurig paar te pakken en daarmee weg te lopen, tenslotte had een ander dat met de mijne ook gedaan, maar deed het toch maar niet. Er zat niets anders op dan blootsvoets naar huis te gaan…..
Je droomt raar op oliebollen.

Een gelukkig nieuwjaar allemaal!