Henk

Henk plofte neer op zijn bank. Het was een ouwetje, de stof was
versleten, maar hij zat nog heerlijk.
Hij schoof de salontafel iets naar zich toe zodat hij zijn voeten er op neer
kon leggen.
De volle koffiekan stond naast hem op de grond.
Het achtuurjournaal was bijna afgelopen, daarna zou zijn voetbalavondje
beginnen.
Hij genoot van zijn rust. Zijn verhuizing was goed uitgepakt.
Achtendertig jaar had hij onder het juk van zijn tweelingbroer geleefd.
Hun uiterlijk was identiek, maar daar achter was er niets dat op elkaar leek.
Henk was minderbegaafd. Leefde een rustig leven, bij het saaie af, terwijl de
geslepen Joop een druktemaker was die altijd in de problemen kwam. De laatste
jaren was Joop in het criminele circuit terecht gekomen en dreigde daar zijn
broer in mee te sleuren.
Henk was tot aan haar dood bij zijn moeder blijven wonen. Het oude mens kon er
toch ook niets aan doen, dat ze zo’n jongen als Joop op de wereld gezet had.
Nadat ze overleden was, vertrok Henk naar de andere kant van het land.
Hij vond werk als orderpicker bij een groothandel en bewoonde een klein
appartement in een prettige buurt. De mensen waren aardig en groetten elkaar,
zonder opdringerig te zijn. Zijn leven was prettig saai.
Het journaal was voorbij en werd onmiddellijk gevolgd door een politiebericht.
‘De politie Haaglanden vraagt
uw aandacht voor het volgende. In de nacht van zondag op zaterdag, heeft er een
gewelddadige overval plaatsgevonden op een BP tankstation aan de Prins
Bernhardlaan te Voorburg
’.
Direct werd er een compositiefoto getoond van de gezochte crimineel. Henks adem
stokte, want op tv herkende hij zijn eigen gezicht. Tenminste, dat zouden zijn
buren denken. Hijzelf had binnen een paar seconden door dat het zijn broer
betrof. De zin om nog verder tv te kijken was verdwenen. Hij ijsbeerde door de
kamer. Hij verwachtte ieder moment een arrestatieteam voor zijn deur en toen er
aan zijn deur gebeld werd, stond zijn hart dan ook bijna stil van schrik.
‘Wie is daar?’ vroeg hij. Zijn stem sloeg over.
‘Ik ben het, Joop.’ Hoorde hij aan de andere kant van de deur.
Joop? Hoe wist hij….
Even later stond hij oog in oog met zijn criminele evenbeeld.
‘Henk, je moet me helpen. Ik zit in de problemen.’
‘Ik weet het. Maar hoe kom je aan mijn adres.’
‘Simpel, via een mannetje bij de post. Je had daar een adres achtergelaten voor
de na bezorging. Nooit eentje van de slimste geweest, hè Henkie?’
‘Luister, je moet me onderdak verlenen, de politie zit achter me aan.’
‘Ja, maar…’
‘Het is maar voor een paar dagen, tot de storm wat geluwd is.’
Henk was overrompeld en bood zijn broer de bank aan als slaapplek.
‘Voor een nachtje.’ had hij er aan toegevoegd
Hij deed zelf geen oog dicht, pas tegen de morgen viel hij in slaap, maar werd
even later wreed gewekt door een kabaal bij de deur. Voordat hij goed en wel
besefte wat er gebeurde stond de politie al naast zijn bed. Hij moest zich snel
aankleden en werd meegenomen naar het bureau.
‘Joop!’ huilde hij. ‘Help me!’
Maar Joop was er niet.
Die hield zich schuil in het portiek aan de overkant en hield daarvandaan de situatie
in de gaten.
Het was een slimme zet van hem geweest om de politie te tippen over de
verblijfplaats van de overvaller.
Hij zou wachten tot de rust teruggekeerd was en daarna soepel het leven van
zijn simpele broer overnemen.

 

Advertenties

2 gedachtes over “Henk

    • ha! je hebt me weer gevonden.
      ziet er goed uit he? ik mis nog een heleboel, maar ik wacht rustig af.
      voorlopig zit ik ook goed bij wordpress

Zeg het maar:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s